Een stappenplan om zelf te behangen

Voorbereiding:
Om te beginnen is het belangrijk oud behang van de muur af te halen. Dit is nodig omdat de muur het beste zo glad mogelijk kan zijn alvorens erop behangen gaat worden. Om het beste resultaat te krijgen is het van groot belang dat de eerste baan recht op de muur geplakt wordt. Om dit voor te bereiden teken je een loodlijn op de muur met potlood met behulp van een waterpas. Doe dit ongeveer 50 centimeter af van de hoek van de muur. Tegen deze lijn wordt straks de eerste baan behang geplakt. 

Lijmen en behangen:
Vervolgens is het afhankelijk van het soort behang wat je volgende stap is. Uiteindelijk moet het behang met lijm op de muur aangebracht worden. Bij vliesbehang gebruik je geen behangtafel om het behang met lijm mee in te smeren. Je hangt het behang direct op de muur. Na het tekenen van een loodlijn kun je de muur insmeren met behanglijm speciaal voor vliesbehang.

Bij papierbehang en andere soorten moet het behang eerst worden ingesmeerd met behanglijm voor het de muur op kan. Omdat behang kan krimpen door het opsmeren van behanglijm snijd je niet precies de maat van de opgemeten muur af, maar hou je boven en onder extra behang over. Ongeveer 5 centimeter zou hiervoor voldoende moeten zijn.
 
Vervolgens leg je de op maat gesneden behangstukken op de behangtafel, zodat deze ingesmeerd kunnen worden met behanglijm. Net zoals bij het opplakken van foto’s, is het bij behang belangrijk om de hoeken en randen goed in te smeren met behanglijm, zodat deze later niet van de muur af krullen. Vouw het behang dicht en laat het behang inwerken volgens de voorgeschreven tijd (deze tijd staat vermeld op verpakking van de behanglijm). Dichtvouwen doe je door één uiteinde naar het midden van het behang te vouwen en vervolgens hetzelfde te doen met het andere uiteinde. Door dit te doen kan de lijm inwerken in het behang zonder dat het uitdroogt. De lijm moet vaak 5 tot 15 minuten inwerken. In de tussentijd kun je andere behangbanen insmeren met lijm. Daarna zijn ze klaar om op de muur te hangen. 3

Afwerking:
Als je het behang op de muur geplakt hebt kun je eventueel ontstane luchtbellen wegwerken met behulp van een behangspatel. Ook kun je met een behangspatel behang in de hoeken van muren goed aandrukken. Werk altijd van boven naar beneden. Zorg er verder voor dat de banen behang goed op elkaar aansluiten en een eventueel patroon in elkaar overloopt. Haal overtollig behang aan de boven- en onderkant van de muur weg met een stanleymes.